Best bekeken in 1024x768

Verhaal van de week - nr. 76

 

Uit:  Rechercheur Baantjer Bureau Warmoesstraat deel 1
Uitgegeven door De Fontein - Baarn - verschenen 1993

 

Plat

 

Ze kwam, groot, breed, zwaar en log de recherchekamer binnenschommelen. Een kolossale vrouw. De vloer deinde een beetje toen ze naderbij kwam. Ik schatte haar op midden in de dertig. Ze plofte in de stoel naast mij neer en vlijde haar omvangrijke boezem op mijn bureau. Eerst toen zag ik, dat ze een man bij zich had. Hij dook achter haar op: een tenger kereltje met een vriendelijk muizesnuitje.
'Wat kan ik voor u doen?' informeerde ik.
Ze boog zich nog verder voorover en reikte met een mollige vinger naar het borstzakje van mijn colbert. 'Nou moet je eens effe goed naar mij luisteren,' gebood ze.
Ik knikte gehoorzaam, want ze was mij te veel vrouw ineens om mij tegen te verzetten. Ze zwaaide een machtige arm naar achteren. 'Zie je dat stuk ongeluk?'
Ik zag hem.
'Dat is mijn man.' In haar stem golfde een zee van minachting.
Ik vergeleek de gestalte van het miniatuurmannetje met de kolossale omvang van de vrouw en vroeg mij ondeugend af langs welke technieken hun erotisch bedleven verliep. Het leek mij voor hem een hele opgave. Mijn blik vol medeleven bleef op het mannetje rusten.
'Hij moet zo nodig,' schreeuwde ze.
'Wat?' vroeg ik haast automatisch.
Haar bol gezicht veranderde van rood naar paars.
'Vreemd,' brulde ze. 'Vreemd; alsof hij aan mij niet genoeg had.' Ze snoof verachtelijk. 'En met wat voor een wijf... een scharminkel... met stakepoten.'
Ze streek met een vette hand van haar linkerboezem naar haar rechterbil. 'Plat... plat hier, plat daar. D'r is geen centje sjeuigheid aan.'
'U... eh, kent u haar?'
Ze grijnsde breed. 'Ik heb hem net bij haar weggehaald.'
Ze draaide zich half om. 'En je gaat niet meer terug. Willem... hoor je me?'
Het mannetje schudde gedwee het hoofd.
'Nou,' zei ik glimlachend, 'dan is alles toch goed.'
Haar gezicht verstarde. 'Ze heeft mijn armband.'
'Wat voor een armband?'
'Mijn gouden armband met aquamarijntjes. Ze heeft hem uit Willems zak gehaald. Hij zou hem laten maken. Er was wat aan het sluitinkje.'
Omdat ik niet aan diefstal geloofde, dreef ik de vrouw zachtjes naar de gang. Het was niet eenvoudig. Ze gilde en krijste met overslaande stem.
Toen ik uiteindelijk met Willem alleen was, zei hij: 'U moet er geen werk van maken. Het is niet waar. Die armband is niet gestolen. Ik heb hem met een smoes uit haar bijouteriekistje gehaald.'

'En toen aan die andere vrouw gegeven?'
Hij liet het hoofd vol schaamte zakken. 'Ik heb niet zoveel geld en je wilt als man toch weleens wat terug doen.'
Hij keek naar mij op. 'Ik ben geen vrouwenjager. Echt niet. Ik ben best tevreden met mijn eigen wijf.'

'Is... eh, is ze altijd zo dik geweest?' vroeg ik voorzichtig.
Hij knikte traag. 'Dat is het, meneer. Na al die jaren... ik wou eens een keertje plat.'

 

A.C. Baantjer

 

Archief verhaal van de week