|
Uit: |
Rechercheur Baantjer Bureau
Warmoesstraat deel 3 |
|
Uitgegeven door De Fontein -
Baarn - verschenen 1993 |
|
Getuige
Enige weken geleden kwam een potige man de
recherchekamer van het bureau Warmoesstraat binnenstappen. Ik
schatte hem op rond de dertig jaar. Hij had een wat warrige
krullekop en zijn nek zat rondom in het verband. Hij stapte resoluut
op mij toe. 'Kan ik bij u aangifte doen?'
Ik wees uitnodigend naar de stoel naast mijn bureau. 'Zegt u het
maar,' sprak ik gelaten.
Hij tikte met een kromme vinger tegen het verband om zijn nek. 'Ik
ben gestoken.'
'Ernstig?'
Hij schudde het warrige hoofd. 'Het valt mee. Gelukkig is er geen
slagader geraakt.'
Ik draaide een proces-verbaalformulier in mijn schrijfmachine. 'Hoe
is uw naam?'
'Rudie van Grootebroek. En ik heb ook een getuige... mijn vriendin.'
Ik keek naar hem op. 'Had haar maar meegenomen, dan had ik gelijk
een verklaring van haar kunnen opnemen.'
Hij zuchtte diep. 'Zij wilde niet mee. Ziet u, het gaat niet zo goed
tussen ons de laatste tijd. Wij hebben steeds woorden. Zo ook
gisteravond. Wij waren in een café hier in de Warmoesstraat en toen
kregen wij weer eens bonje. Wij zijn toen het café uitgegaan, maar
ook buiten op straat bleven wij bekvechten. Het werd nogal vinnig en
toen zij mij met haar nagels in het gezicht wilde krabben, gaf ik
haar een optater. Ineens was er een man bij ons en voor ik goed en
wel wist wat die vent wilde, had hij mij met een mes in mijn nek
gestoken.'
'U kent die man niet?'
'Nee... nooit eerder gezien.'
Ik typte de aangifte uit en noteerde de naam en het adres van de
vriendin. Ik stuurde haar een vriendelijk briefje met het verzoek
aan het bureau te komen om een verklaring af te leggen. Zij
reageerde niet. Toen ik haar telefoonnummer had gevonden, belde ik
haar op en herhaalde mij verzoek. Zij weigerde botweg te komen.
Omdat het mijn plicht is mijn onderzoeken degelijk af te werken,
ging ik op een avond naar haar toe. Ik trof haar in een gezellige
woning. Een knappe jonge vrouw, met vrolijke, haast uitbundige
rondingen.
'U bent de vriendin van Rudie?' opende ik.
Zij schudde het hoofd. 'We zijn niet meer bij elkaar. Het werd toch
niets. Ik heb het uitgemaakt.'
Ik maakte een verontschuldigend gebaar. 'Ik heb toch een verklaring
van u nodig.'
Ze klemde de lippen op elkaar. 'Ik niet... ik leg geen verklaring
af.'
'U was er toch bij toen uw ex-vriend werd gestoken?'
Zij knikte traag. 'Ik was erbij... ja.'
Ik pakte mijn notitieboekje. 'Wel, hoe ging het?'
'Dat zeg ik niet.'
Ik wond mij een beetje op. 'Kom,' zei ik wat geagiteerd, 'geen
flauwekul. Vertel wat er gebeurde.'
Plotseling blonk er een traan in haar ogen. 'Dat kan ik toch niet,'
zei zij huilerig.
'Waarom niet?'
Zij keek mij wanhopig aan. 'Ik ga nu met hem.'
'Met wie?'
'De man die Rudie met een mes stak tijdens onze ruzie.'
A.C. Baantjer
Archief
verhaal van de week
|