Best bekeken in 1024x768

Verhaal van de week - nr. 106

 

Uit:  Rechercheur Baantjer Bureau Warmoesstraat deel 3
Uitgegeven door De Fontein - Baarn - verschenen 1993

 

Bovennatuurlijk

 

De vrouw die belt vertelt dat zij niet naar het politiebureau kan komen. Zij is slecht ter been. 'Waarom had u dan willen komen?' vraag ik.

Ik hoor aan de andere kant van de lijn een diepe zucht. 'Ik word gekweld door geesten. De situatie is niet langer te harden.'

Die middag begeef ik mij naar het opgegeven adres. Er is een geelkoperen plaat naast de deur met daarop in het zwart 'Madame Pyrowetti, psychometriste' en daaronder de uren waarop madame is te consulteren. Het blijkt dat ik buiten het spreekuur kom.

Op mijn bellen wordt de deur elektrisch geopend. De wijde hal is bijzonder fraai ingericht met een prachtige eiken kapstok boven een uitzonderlijk mooie dekenkist.

Vanachter een zwart kralen gordijn verschijnt een vrouw in een donkere kimono. Vurige draken bedekken de wijde mouwen, eindigend in vlammende tongen. Ik schat haar midden vijftig. Het zwart geverfde haar is dun. De koolzwarte ogen nemen mij scherp op. 'U bent rechercheur?'

In haar stem klinkt een zweem van achterdocht.

Ik knik bescheiden. Zij gaat mij voor naar een hoge kamer met rijk gedrapeerde velours gordijnen. Het is er halfdonker. Zij gebaart naar een diepe fauteuil en gaat tegenover mij zitten. Zij houdt de vingertoppen met paarsgelakte nagels tegen elkaar en uit de opengevallen kimono steekt een nog welgevormd been.

Zij werpt het hoofd in de nek en zegt: 'Ik heb vijanden.' Zij wacht even voor het effect en gaat dan verder. 'Vijanden met een bovenaardse macht. Een macht die niet te wederstréven is.'

Ik glimlach wat verlegen. 'Hoe... eh, hoe zou ik u dan kunnen helpen?'

Zij schudt droef het hoofd. 'Dat weet ik niet. . . mijn zoon.' Blijkbaar heeft ze elk gevoel voor verhoudingen verloren, want om haar zoon te kunnen zijn was beslist een klein wereldwonder nodig.

Zij sluit de ogen en zwijgt geruime tijd. De paarse oogschaduw licht een beetje op. Met moeite onderdruk ik de neiging 'boeh!' te roepen.

Na een poosje zegt zij: 'Ze gunnen mij geen rust. Elke avond wanneer ik mijn slaapkamer betreed, bellen mijn kwelgeesten. In het begin keek ik uit het raam en riep: "Wie is daar?" Maar er was nooit iemand. Als ik dan vermoeid naar mijn slaapkamer terugkeerde, belden zij weer.'

Zij zucht diep en sluit opnieuw haar ogen. Ik sta op en loop naar de aangrenzende slaapkamerdeur. Als ik die open gaat er een bel. Madame springt op en begint te gillen. Zij is een zenuwinstorting nabij.

Als ik de zaak onderzoek, vind ik boven de slaapkamerdeur een sleepcontact. Het blijkt dat een week geleden een elektricien van madame de opdracht had gekregen een waarschuwingsbel aan te brengen op de deur van de wachtkamer voor de cliënten van de psychometriste. Vermoedelijk heeft de man zijn opdracht verkeerd begrepen en ook zo'n bel op de slaapkamerdeur aangebracht. Als het bovennatuurlijke verschijnsel is opgelost en ik de bel boven de slaapkamerdeur buiten werking heb gesteld, schudt zij mij tot afscheid de hand. 'Als meneer eens geestelijke moeilijkheden heeft...!'

Zij geeft mij een kaartje. 'Madame Pyrowetti', staat erop. 'Geeft licht in duistere zaken.'

 

A.C. Baantjer

 

Archief verhaal van de week