Best bekeken in 1024x768

68: De Cock en de wortel van het kwaad

 

 
 

De jonge Gabriëlle komt op bureau Warmoesstraat haar broer Jean-Baptiste als vermist opgeven. Haar vriend kent Jean-Baptiste uit de tijd dat ze beiden lid waren van de Gouden Harten, een club die geld inzamelt voor goede doelen. Er zijn vreemde elementen in de club geslopen, er is ook sprake van chantage en fraude.

De Cock, met ceeooceekaa, en Vledder besluiten poolshoogte te nemen in het clubhuis. Daar heeft het noodlot echter toegeslagen. De rechercheurs treffen er het lijk aan van Jean-Baptiste. Een stiletto steekt tussen zijn schouderbladen omhoog en in zijn rechterhand ligt een klein rood hartje.

Vledder ontdekt dat de vermoorde man vijfhonderdduizend euero op zijn bankrekening heeft staan en dat er reeksen foto's van naakte jongens in zijn computer zijn opgeslagen... Helaas is Jean-Baptiste niet het enige slachtoffer in de almaar uitdijende zaak. De Cock en Vledder worden nogmaals bij een sterk gelijkende moord geroepen. een smerige zaak, die zo snel mogelijk opgelost moet worden.

In een poging duidelijkheid te krijgen, spreekt De Cock de leden van de Gouden Harten toe - en met effect. Al is De Cock een digibeet, door zijn scherpe geest doet hij een ontdekking die uiteindelijk tot de oplossing leidt.

 

1e pagina

 

Rechercheur De Cock van het aloude politiebureau aan de Amsterdamse Warmoesstraat slenterde op zijn gemak over het brede trottoir van het Damrak. Om hem heen flaneerden vrouwen en meisjes in fleurige jurkjes. Zo nu en dan blikte de grijze speurder knipperend omhoog naar de gulle zon, die zich ondanks allerlei aangekondigde depressies niet wenste te verschuilen achter het grauw van een wolkendek, maar nu al vele dagen achtereen blij en onbekommerd straalde in een strakblauwe hemel.

De Cock genoot intens. Het humeur van de oude rechercheur had de wispelturige eigenschappen van een attente barometer. Bij kou, natte sneeuw en regen stond zijn gezicht op storm, maar in de koestering van het milde zonlicht fleurde het op. Dan dansten grillige accolades een zoete glimlach om zijn mond, dan jubelde zijn hart als van een jonge vent en hing zijn oude hoedje scheef op één oor.

Op de hoek van de Oudebrugsteeg bleef hij even besluiteloos staan. Een moment kwam de gedachte bij hem op om voor die dag de Warmoesstraat en de misdaad te laten voor wat ze waren en door te wandelen naar het Rokin, de stad uit, langs de Amstel met de zon weerspiegelend in het water, verder, langs groene weilanden met vredig grazende koeien en onschuldige schapen.

De grijze speurder trok een brede grijns tegen zichzelf in het spiegelend glas van een reclamezuil. Hij stak de rijbaan van het Damrak over, sprintte roekeloos voor een aanstormende tram langs, slofte traag, bijna bedaagd aan de schippersbeurs voorbij en sjokte de oude Warmoesstraat in.

Voor de ingang van het politiebureau bleef de oude rechercheur opnieuw staan. De blauwstenen stoep werd scherp op zijn netvlies geprojecteerd; in het bijzonder de uitholling door duizenden voetstappen van politiemensen en kleine en grotere zondaars.

Jaar eerste uitgave: 2007
ISBN : 978 90 261 2251 4

Bestellen